Skip to content
Home » Wat leert de Bijbel over milieubeheer?

Wat leert de Bijbel over milieubeheer?

The Creation Account
Sweet Publishing, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons

Wat zegt de Bijbel over het milieu en onze verantwoordelijkheid daarvoor? Velen denken dat de Bijbel alleen over ethische moraal gaat (bijv. niet liegen, bedriegen of stelen). Of misschien gaat het alleen om een ​​leven na de dood in de hemel. Maar de relatie tussen de mensheid, de aarde en het leven erop, samen met onze verantwoordelijkheden, worden al op de eerste pagina van de Bijbel geïntroduceerd.

De Bijbel stelt dat God de mensheid naar Zijn beeld heeft geschapen. Tegelijkertijd gaf Hij de mensheid ook zijn eerste opdracht. Zoals de Bijbel het vermeldt:

26 En God zei: “Laten We mensen maken, mensen die op Ons lijken. Ze zullen heel erg op Ons lijken. Ze moeten zorgen voor de vissen in de zee, de vogels in de lucht, het vee, de kruipende dieren en voor de hele aarde.” 27 En God maakte de mens. Hij maakte hem zó, dat hij heel veel op Hem leek. De mens leek heel erg op Hem. Hij maakte een man en een vrouw. 28 God zegende hen en zei tegen hen: “Krijg veel kinderen, zodat er heel veel mensen komen. Ga over de hele aarde wonen en heers over de aarde. Zorg voor de vissen in de zee, de vogels in de lucht en de kruipende dieren.

Genesis 1:26-28

God behoudt het eigendom

Sommigen hebben de geboden ‘onderwerpen’ en ‘heersen’ verkeerd begrepen, wat impliceert dat God de wereld aan de mensheid heeft gegeven om ermee te doen wat wij willen. We zijn dus vrij om naar onze wensen en wensen over de aarde en haar ecosystemen te ‘regeren’. Met deze manier van denken heeft God vanaf het begin zijn handen van Zijn schepping afgetrokken. Toen gaf Hij het aan ons om te doen wat wij willen.

De Bijbel stelt echter nooit dat de mensheid nu de wereld ‘bezit’ en ermee kan doen wat ze willen. Door de hele Bijbel heen bevestigt God vaak dat hij voortdurend eigenaar is van de wereld. Sta eens stil bij wat God rond 1500 vGT door Mozes zei

Luister: doe wat Ik zeg en houd jullie aan mijn verbond. Dan zullen jullie, als enige van alle volken, mijn eigen volk zijn. Want de hele aarde is van Mij.

Exodus 19:5

En via David ca 1000 v.Chr

10 Want alle wilde dieren in de bossen,
alle dieren op duizenden bergen zijn van Mij.
11 Ik ken elke vogel in de bergen.
Alle wilde dieren zijn van Mij.

Psalmen 50:10-11
eMaringolo , CC BY 2.0 , via Wikimedia Commons

Jezus zelf leerde dat God een actieve belangstelling en gedetailleerde kennis behoudt van de toestand van de dieren op deze wereld. Zoals hij leerde:

29 Jullie weten toch dat twee mussen voor maar één muntje worden verkocht? Toch zal niet één mus doodgaan zonder dat jullie Vader het toestaat.

Mattheüs 10:29

Wij zijn managers

De nauwkeurigste manier om de rollen die aan de mensheid zijn toebedeeld te begrijpen, is door ons als ‘managers’ te beschouwen. Jezus gebruikte dit beeld vele malen in zijn leringen om de relatie tussen God en mensen te beschrijven. Hier is een voorbeeld,

16 Jezus vertelde ook aan zijn leerlingen: “Er was eens een rijke man die iemand had die zijn geld beheerde. Maar de mensen kwamen hem waarschuwen dat de man het geld van zijn heer verspilde. De rijke man liet hem roepen en zei tegen hem: ‘Wat hoor ik daar over jou? Geef de kasboeken maar aan mij, want je mag niet langer mijn geld beheren.’

Lukas 16:1-2

In deze gelijkenis is God de ‘rijke man’ – de eigenaar van alles – en zijn wij de managers. Op een gegeven moment zullen we worden geëvalueerd op de manier waarop we hebben omgegaan met wat Hij bezit. Jezus gebruikt deze relatie consequent in veel van zijn leringen.

In deze manier van denken lijken we op pensioenfondsbestuurders. Zij zijn geen eigenaar van de pensioenfondsen; de mensen die hun pensioen betalen zijn de eigenaren. Aan de fondsbeheerders is de bevoegdheid gedelegeerd om het pensioenfonds te beleggen en te beheren ten behoeve van de gepensioneerden. Als ze incompetent, lui of slecht werk leveren, zullen de eigenaren ze door anderen vervangen.

God blijft dus de ‘eigenaar’ van de schepping en heeft aan ons het gezag en de verantwoordelijkheid gedelegeerd om deze op de juiste manier te beheren. Daarom zou het verstandig zijn om te weten wat Zijn doelen en belangen zijn met betrekking tot de schepping. We kunnen dit leren door enkele van Zijn geboden te overzien.

Gods hart voor Zijn schepping werd geopenbaard door Zijn geboden

Na het Pascha en het uitspreken van de Tien Geboden ontving Mozes verdere gedetailleerde instructies over hoe de jonge Israëlitische natie zich in het Beloofde Land moest vestigen. Denk eens aan de instructies die zichtbaarheid geven aan de waarden in Gods hart met betrekking tot het milieu.

25 De Heer zei tegen Mozes op de berg Sinaï: “Zeg tegen de Israëlieten: Als jullie in het land zijn gekomen dat Ik jullie zal geven, dan moeten jullie het land om de zeven jaar rust geven. Het land moet een heilige rusttijd voor Mij krijgen. Zes jaar lang mogen jullie op de akkers zaaien en de wijngaarden snoeien en de oogsten binnenhalen. Maar het zevende jaar moet het land rust hebben. Het is een heilige rusttijd voor Mij.[a] Dan mogen jullie niet op de akkers zaaien en de wijngaarden niet snoeien.

Leviticus 25:1-4
Een onaangeroerde aarde
Sweet Publishing , CC BY-SA 3.0 , via Wikimedia Commons

Uniek onder alle andere naties en hun praktijken destijds (3500 jaar geleden) en zelfs anders dan tegenwoordig gebruikelijk, zorgde dit gebod ervoor dat het land elk zevende jaar onbebouwd bleef. Zo kon het land een regelmatige, periodieke ‘rust’ kennen. Tijdens deze rust konden de voedingsstoffen die door de zware landbouw waren uitgeput, weer worden aangevuld. Dit gebod laat zien dat God de duurzaamheid van het milieu op de lange termijn belangrijker vindt dan de winning op de korte termijn. We kunnen dit principe uitbreiden naar natuurlijke hulpbronnen zoals visbestanden. Beperk de visserij per seizoen of onderbreek de visserij totdat de overbeviste bestanden zich kunnen herstellen. Dit gebod is als uitgebreid principe van toepassing op alle activiteiten die onze natuurlijke hulpbronnen uitputten, of het nu gaat om water, dieren in het wild, visbestanden of bossen.

Deze richtlijn lijkt gunstig voor het milieu. Maar u vraagt ​​zich waarschijnlijk af hoe de Israëlieten moesten eten in het jaar dat zij niet hadden geplant. Dit waren mensen zoals wij en zij stelden deze vraag ook. De Bijbel registreert de uitwisseling:

18 Jullie moeten je aan al mijn wetten en leefregels houden. Dan zullen jullie veilig in het land kunnen wonen. 19 Het land zal zulke grote oogsten geven, dat jullie kunnen eten zoveel jullie willen. En jullie zullen er in vrede kunnen wonen. 20 Misschien vragen jullie je af: ‘Wat moeten we dan in het zevende jaar eten? We mogen niet zaaien en we mogen niet oogsten!’ 21 Ik zal jullie in het zesde jaar zó zegenen, dat de oogst van het zesde jaar groot genoeg zal zijn voor drie jaar. 22 In het achtste jaar mogen jullie weer zaaien. Maar tot het negende jaar moeten jullie nog eten van de oogst van het zesde jaar. Want pas in het negende jaar kunnen jullie eten van wat je in het achtste jaar hebt gezaaid. Dus tot het negende jaar moeten jullie eten van de oogst van het zesde jaar.

Leviticus 25:18-22

Zorg voor het welzijn van dieren

Je mag een os die in de oogst werkt, geen muilkorf omdoen want dan kan hij niet eten.

Deuteronomium 25:4

De Israëlieten moesten de lastdieren goed behandelen. Ze moeten hun dieren die op het graan trappen (zodat het gaat dorsen) niet weerhouden om te genieten van een deel van de vruchten van hun inspanningen en werk.

11 Zou Ik dan niet treuren over de verwoesting van die grote stad Ninevé? Er wonen meer dan 120.000 mensen. Mensen die het verschil tussen goed en kwaad niet weten. Bovendien nog heel veel onschuldige dieren. Ik wilde liever dat al die mensen en dieren blijven leven.

Jona 4:11

Dit komt uit het bekende boek Jona. In dit boek had een gigantisch zeedier Jona opgeslokt voordat hij gehoor gaf aan zijn oproep om bekering te prediken aan de slechte burgers van Nineve. Boos op God omdat zij zich hadden bekeerd van zijn prediking en zo Zijn oordeel hadden afgewend, klaagde Jona bitter bij God. Het bovenstaande citaat was Gods reactie op zijn klacht. Behalve dat Hij Gods zorg voor de mensen van Nineve openbaart, openbaart Hij ook Zijn zorg voor de dieren. God was blij dat de dieren gespaard bleven, omdat de inwoners van Nineve zich bekeerden.

Oordeel voor degenen die de aarde schade toebrengen

Het boek Openbaring, het laatste boek van de Bijbel, biedt visies op de toekomst van onze wereld. Het doordringende thema van de toekomst die het voorziet, draait om het komende oordeel. Het komende oordeel wordt om een ​​aantal redenen uitgevaardigd, waaronder:

18 De volken wilden niets van U weten. Maar nu is de tijd gekomen dat U hen zal straffen. Nu zult U gaan rechtspreken over de doden. Nu is de tijd gekomen dat U uw dienaren zal belonen: uw profeten, de gelovigen en alle mensen van hoog tot laag die ontzag voor U hebben. En nu is de tijd gekomen dat de mensen die de aarde vernietigen, zelf vernietigd zullen worden.”

Openbaring 11:18

Met andere woorden: de Bijbel voorspelt dat de mensheid, in plaats van de aarde en haar ecosystemen te beheren op een manier die in overeenstemming is met de wil van de eigenaar ervan, ‘de aarde zal vernietigen’. Dit zal leiden tot een oordeel om de schuldigen te vernietigen.

Wat zijn enkele tekenen van het ‘einde’ dat we de aarde aan het vernietigen zijn?

25 En er zullen vreemde dingen te zien zijn aan de zon, de maan en de sterren. De volken zullen radeloos van angst zijn door het bulderen van de zee.

Lukas 21:25

De vierde engel goot zijn schaal leeg op de zon. Toen werd de zon heel erg heet. De mensen leden vreselijk door de enorme hitte van de zon. En ze vervloekten God, die deze rampen liet komen. Maar ze stopten niet met de slechte dingen die ze deden. Ze wilden Hem niet eren.

Openbaring 16:8-9

Deze tekenen die 2000 jaar geleden werden opgeschreven, klinken als de stijgende zeespiegel en de toegenomen intensiteit van de oceaanstormen waar we vandaag de dag getuige van zijn als onderdeel van de opwarming van de aarde. Misschien moeten we acht slaan op de eeuwenoude waarschuwing.

Wat kunnen wij doen om ons milieu te helpen?

Hier zijn enkele stappen die we kunnen nemen om te werken aan een beter milieu:

  • Verlaag uw afvalproductie door producten zoveel mogelijk te hergebruiken voordat u ze recyclet. Recycle items die kunnen worden verwerkt en hergebruikt, zoals papier, plastic en metaal.
  • Plastic is schadelijk voor het milieu, dus het terugdringen van het plasticgebruik is een gemakkelijke eerste stap. U kunt eenvoudige stappen ondernemen, zoals het meenemen van een waterfles in plaats van water in plastic flessen te kopen. Hergebruik uw plastic boodschappentassen. Gebruik metalen of glazen containers om voedsel in te bewaren. Sommige snacks en voedingsmiddelen worden nog steeds in plastic verpakt. U kunt proberen deze in bulk te kopen en ze vervolgens in herbruikbare containers op te slaan.
  • Water is een belangrijk aspect van het milieu. Bespaar water door voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het dichtdraaien van de kranen wanneer u deze niet gebruikt. Repareer lekkende leidingen en kranen.
  • Gebruik energiezuinige producten. Het gebruik van energiezuinige lampen is bijvoorbeeld niet alleen beter voor het milieu (met een lagere ecologische voetafdruk), maar bespaart ook op uw energiekosten.
  • Gebruik het openbaar vervoer in plaats van uw eigen auto. Dit is niet altijd de gemakkelijkste stap, omdat het veel handiger is dan lopen of de bus nemen. Maar probeer korte afstanden te lopen om wat beweging te krijgen en een stap te zetten in de bescherming van het milieu. Als het mooi weer is, probeer dan eens te fietsen. Het kopen van elektrische auto’s in plaats van auto’s die op fossiele brandstoffen rijden, is een andere manier waarop we de CO2-uitstoot die door auto’s wordt veroorzaakt, kunnen verminderen.
  • Gebruik milieuvriendelijke producten die het milieu niet schaden. Deze omvatten biologische voedingsmiddelen of biologisch afbreekbare schoonmaakproducten. 
  • Geen rommel maken. Door zwerfvuil spoelt veel plastic in de oceanen en zoetwatermassa’s.
  • Bedenk dat kleine veranderingen een groot verschil kunnen maken. Welke stap u ook zet om het milieu te beschermen, als u dit uw hele leven volhoudt, het zal een verschil maken.
  • Geef deze tips en strategieën door aan anderen.
  • Informeer mensen, vooral de jongeren, over het milieu en het belang van de bescherming ervan. Sociale media maken een groot deel uit van ons leven. Gebruik sociale media om informatie te delen over milieukwesties en hoe we deze kunnen beschermen.
  • Oefen deze preventieve maatregelen, zodat u een voorbeeld kunt zijn voor anderen. Mensen zullen eerder een nieuwe gewoonte aannemen als ze zien dat andere mensen deze in praktijk brengen.